Hoe deze DISC-test werkt
De vragen
Je beoordeelt 24 praktijksituaties en kiest per situatie wat het meest en minst bij je past.
D — Daadkracht
Tempo, uitdaging, resultaat en directheid.
I — Invloed
Enthousiasme, overtuiging en sociaal contact.
S — Stabiliteit
Geduld, samenwerking en continuïteit.
C — Consciëntieus
Analyse, kwaliteit en nauwkeurigheid.
Scoring
Iedere keuze bij ‘meest’ telt twee punten op bij de bijbehorende DISC-dimensie; iedere keuze bij ‘minst’ trekt één punt af. Alle vier ruwe scores worden daarna met dezelfde waarde naar een positief bereik verschoven en genormaliseerd tot samen 100. De percentages zijn dus relatieve verhoudingen binnen dit rapport.
Verantwoord gebruik
Voor deze korte, eigen vragenlijst zijn geen normgroep en geen gepubliceerde betrouwbaarheids- of validiteitsstudie beschikbaar. Gebruik de uitslag voor persoonlijke reflectie en gesprek, nooit als diagnose of als enige basis voor selectie, werk, onderwijs of zorg.
Dit is een eigen praktische gedragsindicatie. Voor psychometrische claims zijn validatie-, norm- en betrouwbaarheidsonderzoeken nodig.